Inspectiereis Napoleon 1811




Inspectiereis van Napoleon
Hellevoetsluis en andere uithoeken boven de Maas
4 oktober 1811


Het was 200 jaren geleden dat Napoleon voet aan wal zette in de Vesting Hellevoetsluis met als doel, de inspectie van de verdedigingswerken van de voormalige admiraliteitshaven.
Een gebeurtenis om grootscheeps op in te spelen. Het bezoek van Napoleon maakte deel uit van de inspectiereis door het kort daarvoor opgeheven, koninkrijk Holland.

Nu het feestgedruis, rond de herdenking op 1 oktober 2011, van de keizerlijke inspectietocht in Hellevoetsluis is verstomd, kunnen wij de organisatoren prijzen, dat zij deze dag tot een gedenkwaardig einde hebben verheven.

Het leek de auteur toe, dat het interessant zou zijn om eendeel van het dagboek van Napoleons activiteiten gedurende zijn reis, mede zijn conclusie in de gevoerde correspondentie met de Comte de Mollien, minister van financiën en beheerder van de schatkist, naast elkaar te leggen, om te zien, wat de inspectietocht door Holland, de als nieuw toegevoeg provincie van Frankrijk, had opgeleverd.
Voor Hellevoetsluis was dit weinig of niets. Het enige wat de vesting van het bezoek overhield, was dat de Franse minister Decrès een decreet uitvaardigde, waarbij hij Hellevoetsluis tot oorlogshaven verklaarde.
In wezen bleef alles bij wat het was. Ten slotte waren de laatste dagen van het keizerrijk geteld, mede door het plan om tot aantasting van Rusland over te gaan.

In kort bestek leest men uit de brief, die Napoleon op 2 november 1811 aan Comte de Molliien schrijft vanuit Dusseldorf, dat het departement Holland en de ex koning Lodewijk alleen maar geld hadden gekost maar niets hadden opleveren. Voorts meende de keizer, dat de bloem van de Hollandse natie, die als militairen zouden participeren in de bij voorbaat succesvolle veldtocht naar Rusland met lauweren beladen, zouden terugkeren.

De keizer achtte in voornoemde brief, dat er een moratorium moet worden ingesteld voor het Koninkrijk Italië, maar daar crediteert Napoleon 1.700.000 francs voor de Napolitaanse troepen.
Hij vervolgt: in staat nº 20 zie ik een vordering van 4.500.000 francs op bepaalde toevallige inkomsten en zo ook 1.100.000 francs te verkrijgen uit de departementen van Monden van de Rijn en de Schelde. Wanneer komt dat terug?
In staat nº 22, merk ik op een post van 330.000 francs, voor het nog te betalen vlees in Holland. Ik begrijp van deze post niets, is hier geen specificatie van?


Napoleon sprak min of meer zijn wantrouwen uit ten aanzien van ‘des fonds spéciaux’, want hij vraagt aan Mollien een gespecificeerd overzicht van de desbetreffende fondsen over de jaren 1806 tot en met 1810.
De keizer was niet allen een goede artillerist, maar daar naast beheerde hij de ‘portemonnaie’ van de staat, tot in detail.

Transcriptie:

Rotterdamsche Courant no. 121 Dinsdag den 8 October 1811
HELLEVOETSLUIS den 4 October

Heden na de middag, omtrent twee uren, werden wij op het
alleraangenaamst verrast door de aankomst, binnen deze haven, van Zijne
Keizerlijke en Koninklijke Majesteit, onze geliefde monarch, Napoleon den
Grooten.
Daar Zijn Majesteit in eene chaloup gezeten, van maar twee andere
vaartuigen, een jacht en een kotter, vergezeld was, bevond zich
Hoogstdezelve reeds voor de nieuwe Haven, alvorens men iets van deze blijde
komst vernomen had.
In een ogenblik was alles op de been en Zijne Majesteit werd op plechtige
wijze, onder het losbranden van geschut der wallen en de herhaalde
toejuichingen van alle de ingezetenen dezer plaats, het wapperen der vlaggen
en het luiden der klokken, ontvangen.
De geestdrift van de gedenkwaardige dag was treffend, en werd door Zijne
Keizerlijke en Koninklijke Majesteit in Hoogst dezelve gewone goedheid
opgemerkt, en door bewijzen van goedkeuring te kennen gegeven.
Zijne Majesteit inspecteerde de werf, het droge dok, de Keizerlijke
vaartuigen en de vestingwerken met de grootste nauwkeurigheid en hoorde
op de door dringende wijze, de belangen der militaire civiele en kerkelijke
autoriteiten, terwijl agtenveertig jongelieden, zoo van de vrouwelijke als
mannelijke kunne, vercierd met quirilandes van bloemen en vlaggen, Zijne
Majesteit, onder het strooijen van bloemen en het herhaald roepen van Leve
de Keizer, leve de grootste held ter wereld! overal volgde, tot op het
oogenblik dat Zijne Majesteit wederom aan boord stapete en met
Hoogstdezelfst gevolg, overladen met blijken van liefde en toegenegenheid uit
de haven geroeid, aan boord van het jacht werd gebragt, en onder het
losbranden van den stukken van keizerlijke oorlogsvaartuigen de rivier
opzeilde.

1810 Napoleon lijft het Koninkrijk Holland in bij Frankrijk.
1811 Het jaar van de geboorte van de koning van Rome.                                                                                    Napoleon inspecteert de noordelijke Nederlanden.


- 10 september 1811 verlaat de Keizer Compiègne voor de reis naar Holland, die tot 11 november zal duren.

- 23 september. De inspectietocht vangt aan in de zuidelijke Nederlanden, met het vertrek van Napoleon ter paard, vanuit Oostende via het strand naar Blankenberg. Van Blankenberg naar het Zwin, waar Napoleon werd overgezet met een visserboot. De overtocht duurde een half uur en vond plaats in een stromende regen, waardoor de Keizer doornat in Fort Oranje arriveerde.

- 24 september. Inspectie van Fort Oranje (Willem I), het Middenfort (Prinses Wilhelmina) en Fort Imperial (Frederick Hendrik).
Per sloep naar de vloot, gelegen bij Vlissingen, op de rede van de Boogplaat. Deze vloot bestond uit 21 linieschepen, 11 fregatten, 12 brikken en kotters.
Door het slechte weer gedwongen, verbleef Napoleon 60 uren op het admiraalschip en linieschip Charlemagne.

- 25 – 26 september. Napoleon verblijft op het linieschip, Charlemagne.

- 27 september. Napoleon verlaat de vloot met een jacht en vaart naar Vlissingen en stapt aan wal bij Rammekens, alwaar inspectie van Fort Rammekens plaatsvond, voorts de vestingweken bij Vlissingen: Fort Montebello (Nolle) en Fort St. Hilaire (De Ruyter).

- 28 september. Vertrek van Vlissingen naar Veere. Inspectie van de werken aldaar en terug naar Vlissingen.

- 29 september. Vertrek van Vlissingen naar Terneuzen, inspectie van de Nieuwe Haven. Via Fort Bath verder naar Antwerpen.

- 30 september tot 3 oktober. Verblijft Napoleon te Antwerpen.

- 4 oktober. Nachtelijk vertrek uit Antwerpen naar Willemstad, waar een inspectie van de wallen volgt.
Per sloep naar Hellevoetsluis, aankomst 14.00 uur. Inspectie van het Maritieme etablissement en het in mei 1811 ter water gelaten linieschip ‘Tromp’, ingedeeld bij het Commandement van de Maas onder bevel van de schout bij nacht Ruysch.
Nachtelijke reis naar Dordrecht.

- 5 oktober tussen 6 en 7 am. Aankomst te Dordrecht in de Oude–  of Voorstraathaven.
12.00 uur. Vertrek naar Gorinchem.
14.00 uur. Aankomst te Gorinchem aan het Sleeuwijkse Veer, inspectie van de vestingwal.

- 6 oktober. Inspectie van de daar aanwezige troepen: waaronder 24eme Chasseurs a Cheval de la Ligne.
9.00 am. Vertrek naar Utrecht via Leerdam en Vianen. Bij Vianen scheept Napoleon in om de Lek over te steken naar Vreeswijk. Aankomst te Utrecht 14.30 uur.

- 7 oktober. 9.00 am, inspectie te Utrecht van 4 Infanterie Regimenten op de Malibaan:
18eme, 56eme, 94eme en het 124eme de Ligne.

- 8 oktober. Revue militair van 5 uren op de Zeisterheide van:
5 Infanterie Regimenten:
Spaanse Infanterie Regiment Joseph Napoleon,
18eme, 56eme, 94emeen het 124eme de Ligne.
Cavalerie Regimenten: 4eme, 6eme, 7eme en het 14eme Curassiers.
Voorts een afdeling Artillerie.

- 9 oktober. 7.00 am. vertrek naar Amsterdam uit Utrecht, via Breukelen Nieuwersluis.
15.00 uur aankomst in Amsterdam. Het escorte cavalerie werd ondergebracht op het Amstelveld. Aankomst op de Dam via de Muiderpoort, de Nieuwerzijds en de Kalverstraat.

- 10 oktober. 9.00 am bezoek per sloep aan de Rijkswerf en het Oosterdok, waarna een tocht over het Pampus. 14.30 uur terug op het paleis op de Dam.

- 11 oktober. Bezoek per sloep aan het Marine Arsenaal. Bezoek te paard aan de stad Amsterdam.
- 12 oktober. Bezoek aan de stad Amsterdam onder anderen het Trippenhuis, om 20.30 in de stadsschouwburg de opvoering van Andromache, met als sluitstuk ‘Les Chantiers de Sardam, ou l’Impromtptu Hollandais.
- 13 oktober. Tocht over het IJ, bezoek aan Zaandam en het tsaar Peter-huisje. Napoleon verhief hier de dorpen Oost–  en Westzaandam tot de stad Zaandam.

- 14 oktober. Onbekend.

- 15 oktober. 8.00 am. Vertrek van Amsterdam naar Den Helder, via Medemblik, waar de tuighuizen en de scheepstimmerwerven werden geïnspecteerd. Vanaf hier werd per paard gereden, omdat de wegen niet geschikt waren voor koetsen.
10.00 am. aankomst in Den Helder, waar Napoleon het Nieuwe Diep bezocht. Langs de zeedijk aldaar lag een eskader van 10 schepen versterkt met 9 kanonneer boten, welke de volgende dag zouden vertrekken.

- 16 oktober. 6.00 am. Bezoek te paard aan de forten Lasalle (Erfprins) en Morland (Kijkduin) ’s Middags inspectie van de schepen in het Nieuwe Diep en het Fort du Gornier en het ‘Nieuwe werk, alsmede de batterijen aan het Balgzand ter verdediging van het kanaal. Na deze inspectie nam Napoleon de vlootrevue van het eskader af vanaf het admiraalschip de ‘Prins’.
15.00 uur bezoek aan Texel, op de Hors bezichtigt Napoleon de nieuwe verdedigingswerken.
Daarna te paard door het dorp Oude-Schild. Na inspectie van dijken, via de wadden terug naar den Helder, waar Spaanse krijgsgevangenen aan de verdedigingswerken werkten.

- 17 oktober. Terug naar Amsterdam, via Bergen Alkmaar, Velsen, Santpoort en Haarlem.

- 18 tot 20 oktober. Napoleon houdt te Amsterdam een aantal audiënties en bezoekt enkele feesten.

- 21 oktober. Vertrek naar Muiden en Naarden, inspectie van water- en vestingwerken. Op de terugweg naar Amsterdam inspecteert Napoleon het eiland Pampus.

- 22 oktober. s’Avonds een groot feest. Te Amsterdam ter ere van de Keizer in het gebouw Felix Meritis, gelegen aan de Prinsegracht.

- 23 oktober. Te Amsterdam ondertekent Napoleon, twee huwelijkscontacten. In de avond bezoeken de Keizer en de Keizerin, het Hollands toneel.

- 24 oktober. 7.00 am. Vertrek van Napoleon naar Haarlem, bezoek aan Teylersmuseum.
10.00 am. Vertrek van Haarlem over Hillegom en de Katwijksesluis naar Leiden.
Terwijl een Engels fregat voor de kust koerst, gebruikt Napoleon zijn lunch op het strand.
13.00 uur. Aankomst in Leiden, waarna om 14.00 uur de reis wordt voortgezet naar ‘s-Gravenhage, waar de keizer in het Paleis het Voorhout vertoeft.

- 25 oktober. Vertrek van ’s Gravenhage naar Delft. Bezoek aan het Grootmagazijn op de Geer, waar Napoleon zich alle kanonnen toeëigent.
Vertrek naar Rotterdam.

- 26 oktober. Rotterdam.

- 27 oktober. Vertrek via Rotterdam naar Utrecht, via Gouda en Oudewater.
Inspectie op de Zeisterheide van:
- 3 Infanterie Regimenten.
- 2 Cavalerie Regimenten, 23-24eme Chasseuers a Cheval de la Ligne.
Via Amersfoort naar paleis het Loo.

- 28 oktober. Naar Zwolle, verblijf in het Kamperhuis.

- 29 oktober. Op de weide van de Veerallee (Veerweg) van Zwolle, inspectie van de Brigade van de Generaal Vivian:
3 Infanterie Regimenten:
2eme, 37eme en 125 de la Ligne.
1 Cavalerie regiment:
23eme Chasseurs à Cheval de la Ligne.
Vertrek naar het paleis het Loo.

- 30 oktober. Vertrek van het Loo naar Nijmegen, inspectie van de vestingwerken. Bezoek aan het Valkenhof.

- 31 oktober. 7.00 am. Vertrek van Nijmegen naar Grave en daarna door naar Wezel en Kleef.
- 2 november. Napoleon schrijft een brief van zes kantjes uit Dusseldorf aan de Comte de Mollien, de Ministre de Trésor, over de stand van zaken van de staatskas. De volgende brief van Napoleon, komt weer van Franse bode deze is getekend: Saint-Cloud 14 november 1811.

Opmerking: Napoleon was eerder in Holland uitgekeken dan verwacht, zijn reis zou tot 11 november duren. Dit kan de reden zijn, dat wij hem op 2 november in Rijnland-Westfalen aantreffen

Bronnen:
- Napoléon I, lettres au Comte Mollien, Du 16 Mars 1803 au 9 Juin 1815. Ministre du Trésor Public. Par Jacques Arnna. 1959 Museo Julio Lobo.
- Napoleon in Nederland, door G. F. Gijsberti Hodenpijl. De Erven Bohn. Haarlem 1904.
Geschiedenis van Noord-Nederland. Mr. J. van Lennep. Amsterdam 1850.

Hellevoetsluis: 3 oktober 2011
Auteur: J. C. H. Jansen.
Redactie: A. C. Pieké

Laatst aangepast (zondag, 02 december 2012 16:01)